Teken

Een zender kan tekens gebruiken om met een ontvanger te communiceren. Een teken verwijst naar een referent; iets in de werkelijkheid. Bijvoorbeeld het woord ‘boom’ is een teken dat verwijst naar de echte boom in de werkelijkheid. De relatie tussen teken en referent kan iconisch, indexicaal of symbolisch zijn.

Een iconische relatie is er een van gelijkenis. Een icoon is een teken dat de referent imiteert, zodat het herkend wordt door overeenkomst. Een foto van een wolf die verwijst naar een wolf, is een icoon.

Een indexicale relatie is er een van verwijzing. Een indexicaal is een teken dat iets imiteert dat een relatie heeft met de referent, zodat het herkend wordt door ervaring (over de relatie). Rook is een indexicaal voor vuur. De relatie is dan oorzaak-gevolg. Behalve gelijkenis, is in principe is elke relatie mogelijk. Een foto van een pootafdruk die verwijst naar een wolf, is een indexicaal.

Een symbolische relatie is er een van conventie. Een symbool is een teken dat per definitie verwijst naar de referent, zodat het herkend wordt omdat dit zo is afgesproken. Net als het kruis per definitie verwijst naar het christendom, zou je een symbool kunnen bedenken voor wolf. De betekenis van symbolen moet je leren.